Eucharistieviering van 31 augustus 2014
22ste zondag door het jaar (A)

Intredelied: ZJ nr. 431: Wat zijn de goede vruchten, strofe 1, 3 en 4.

Begroeting

P. Broeders en Zusters, welkom in deze viering van de tweeëntwintigste zondag door het jaar.  Van harte mag ik u verwelkomen in de naam van de Vader, de Zoon en de H. Geest.  Genade zij u en vrede vanwege God, onze Vader en zijn Zoon Jezus Christus.

Geloven is vandaag evenmin vanzelfsprekend als in de tijd van de profeet Jeremia.  Geloof wordt gemakkelijk weggelachten en gerelativeerd waardoor we ons soms als vreemden voelen in onze maatschappij.
Maar als we het niet meer zien zitten gebeurt het dat het Woord Gods ons plots aanspreekt en aangrijpt en onze tegenstand doet bezwijken.
Laten wij in deze eucharistieviering ons hart keren tot God,
ons laten raken door zijn liefde,
en Hem het Woord laten spreken dat ons zal redden.

Schuldbede

P. Maar vragen wij eerst om Gods barmhartigheid die ons hart nieuw en ontvankelijk kan maken.

L. Heer, soms wordt het moeilijk en willen wij niets meer met U te maken hebben ...
Heer, ontferm U over ons.

L. Christus, zoveel verhindert ons dicht bij U te komen ...
Christus, ontferm U over ons.

L. Heer, wij laten ons door menselijke overwegingen leiden en veel minder door wat God voor ons wil ...
Heer, ontferm U over ons.

P. Moge de goede God ons tegemoet komen met zijn vergeving,
ons omvormen tot andere mensen, met een nieuwe visie,
en ons leiden naar het volle leven.
Amen.

Eer aan God

Openingsgebed

P. God onze Vader, Gij die uw volk Israël steeds profeten en leiders hebt geschonken, geef ook ons in deze tijd mensen die ons voorgaan in Geloof en Liefde. 
Geef ons mensen die zich ten dienste stellen door op ongeziene plaatsen, kleine stappen te zetten naar de verwezenlijking van uw Rijk.
Dat vragen wij door Christus uw Zoon en onze Heer.
Amen.

Woorddienst

Inleiding tot de eerste lezing

Ondanks alle tegenstand ervaart de profeet de kracht van Gods woord in zijn hart.

Eerste lezing: Jeremia 20, 7-9.

Antwoordzang: ZJ nr. 924: Ik sta voor U in leegte en gemis, strofe 1, 2 en 3.

Evangelie: Mt. 16, 21-27.

Homilie

Geloofsbelijdenis

Voorbeden

P. God is ons barmhartig en welgezind.
Daarom mogen we Hem met vertrouwen vragen.

Acclamatie: Laat ons bidden. Laat ons bidden in de stilte van ons hart, dat de Vader ons daartoe bezielen mag.

L. Voor alle getuigen van deze tijd,
mensen die tegen de heersende cultuur in
de volle waarheid van God blijven bevestigen:
dat zij moed en vertrouwen vinden in hun
verbondenheid met God die hen roept en zendt ...
Laat ons zingend bidden.

L. Laten wij niet ophouden te bidden voor allen die
in conflictgebieden overal ter wereld
blootgesteld worden aan onnoemlijk lijden,
dat er licht mag dagen aan de horizon voor hen en voor hun kinderen.
Laat ons zingend bidden.

L. Voor allen die een nieuw school- of werkjaar beginnen,
dat de Geest hen gevoelig mag maken voor Gods wil en
voor alles wat goed is ...
Laat ons zingend bidden.

L. Voor onszelf, dat we als christenen ons bewust worden van onze zending
en ons niet kritiekloos plooien naar de mode van deze tijd ...
Laat ons zingend bidden.

L. Bidden we ook voor de intenties van deze parochie,
voor de zieken en de eenzamen,
voor onze jonggehuwden die elkaar voor de Kerk trouw beloofden ...
Voor de gezinnen waarvan het kindje door de doop werd opgenomen in de Kerk ...
En gedenken wij ook onze doden ... dat zij mogen rusten in Gods vrede.
Laat ons zingend bidden.

P. God,
vergeet ons niet, wij mensen die op aarde leven,
en doe onze ogen opengaan voor de weg die Gij voor ons hebt bereid.
Dat vragen wij U door Christus uw Zoon en onze Heer.  Amen.

Gebed over de gaven

P. Heer, onze God, wij bieden U brood en wijn
en belijden daarin dat wij de weg willen gaan die Gij ons wijst.
Zegen ons samenzijn hier, opdat wij iets proeven
van de droom die Gij voor ogen hebt.
Wij vragen het U door Jezus, uw veelgeliefde,
die uw stem heeft gehoord en uw wil heeft gedaan
en voorgoed  met U leeft en heerst in de eeuwen der eeuwen.
Amen.

Eucharistisch gebed

Onze Vader

P. Gesterkt door de tekens van brood en wijn,
willen we nu samen het gebed bidden
waardoor we ons allen verbonden voelen
als kinderen van dezelfde Vader.

Bezinning (op tekst van Toon Hermans)

L.  Heer,
ik sluit mijn ogen, even is het stil.
Ik probeer aan U te denken,
even maar,
wachten of er iets van uw liefde opvlamt in mij.

Als Gij mijn gedachten zegent,
dan ervaar ik uw aanwezigheid
en raakt de stilte mij weldadig aan.

Stilte.

Communielied: ZJ nr. 914: Roept God een mens tot leven, strofe 1, 7 en 8.

Slotgebed

P. Laten we bidden.
Heer, onze God, weer hebt Gij ons uw weg gewezen
maar misschien leeft er ook in ons hart wat protest.
Wij bidden U: geef ons de moed om onze kleine belangen opzij te zetten, onszelf uit handen te geven en zo ‘leven’ te vinden,
nu al en voorgoed tot in eeuwigheid.
Door Christus onze Heer.
Amen.

Zending

P. Christenen zijn mensen die de weg van Jezus durven gaan, ook zijn kruisweg.
Zij weten immers dat Pasen, juist in het uur van de diepste beproeving, nooit veraf is. 
Mogen wij getuigen van deze Blijde Boodschap overal waar we leven en werken.
Daartoe zegene ons de almachtige God, de Vader, de Zoon en de heilige Geest.
Amen.

En gaat nu allen heen in de vreugde en de liefde van de Heer.

 

(Liturgische werkgroep St.-Martinus- en St.-Jozefparochie)